Het verschil tussen een discussie en een dialoog met praktijkvoorbeeld.

DIALOOG:
Een dialoog is een effectieve manier van communiceren waarbij we elkaar inspireren tot samen- denken. Het voeren van een dialoog geeft iedereen een stem waarmee hij/zij gehoord wordt en zo vanuit eigen wijsheid bijdraagt aan een gezamenlijke intelligentie. Een dialoog stimuleert ook luistergedrag. Bij de dialoog staat het luisteren naar en spreken met elkaar centraal.
Bij het luisteren probeer je ook de ander écht te begrijpen. Wanneer iets niet duidelijk is vraag je door tot het voor iedereen wel duidelijk is. Je gaat niet in tegen elkaars argumenten, maar probeert ze aan te vullen.
In plaats van “ja, maar…” krijg je dan “ja, en…”…

DISCUSSIE:
Bij een discussie heeft iedere gesprekspartner vaak zijn of haar mening al gevormd en zal die niet snel aanpassen. Het probleem in een discussie is dat er niet echt naar elkaar wordt geluisterd. Men staat niet even stil bij de argumenten. Er wordt niet of nauwlijks doorgevraagd. In een discussie hoor je ook vaak “ja, maar…”… Het lijkt dan het er ingestemd wordt met de ander instemt, maar vaak betekent het “nee” en gaat men door met de eigen (stand)punten.
In veel discussies wordt er ogenschijlijk geluisterd maar blijkt men uiteindelijk beleefd te wachten op een pauze om meteen erin te springen om de eigen mening naar voren te brengen.
Het gevolg is dat deelnemers aan een discussie steeds fanatieker met (dezelfde) argumenten komen. Een ondertoon van verzet dient zich aan: “Nu moet je eens even naar mij luisteren…” of “en nu wil ik iets zeggen…”. of de slachtofferrol neemt de overhand: “laat maar, ik kom er toch niet tussen” of “je luistert toch niet naar mij”. Men voelt zich persoonlijk aangevallen er is geen constructieve uitwisseling en het gesprek houdt op.

Een praktijkvoorbeeld van inspirerende en verbindende communicatie:
Wanneer wij samenzijn met een aantal mensen om uit te wisselen over een thema of een fundamentele vraag van iemand proberen we ook samen achter een antwoord te komen. Belangrijk is daarbij het bespreken van “definities” met elkaar. Deze “definities” bevatten namelijk vaak een contextuele lading die voor iedereen verschillend kan zijn afhankelijk van achtergrond, geloof, cultuur etc… Het doel hiervan is uit te vinden en te achterhalen over welke fundamentele begrippen en uitgangspunten wij het wel – en niet – eens zijn…. en welk onderliggend referentiekader dit veroorzaakt.

Afgesproken spel-gespreks-regels:
1. iedereen wordt geacht zich actief in zetten en deel te nemen aan het gesprek.
2. de vraag moet voor ons allen betekenisvol zijn.
3. Niemand is de autoriteit of de baas.
4. Er wordt goed naar elkaar geluisterd.
5. Een opmerking of vraag mag niet worden begonnen met “ja, maar…”
6. Houd geen monoloog.
7. Je wil (bewuste keuze) je ook verplaatsen in de ander(en).
8. Er mogen geen opmerkingen gemaakt worden die niets met de vraag te maken hebben
9. Er wordt geen telefoon gebruikt tijdens het gesprek.
10. Afronding via een consensus waar iedereen zich–voor deze ontmoeting-in kan vinden.

Join the discussion One Comment

Leave a Reply